vrijdag 17 februari 2017

Op avonTrier ...



De kale wijnranken staan statig op rij als ongewapende soldaten en salueren de zon die de februariwinter bombardeert met haar warmtestralen en goedgezindmakend licht. We beklimmen de Petrisberg ten oosten van Trier. Het kleinschaligere Duitse "Rome" ligt aan onze voeten en we zien hoe de topjes van de overgebleven monumenten aan de rest van de stad proberen te ontsnappen, omsingeld door enerzijds minderbedeelde wijken die je liefst alleen overdag en met snelle tred doorkruist, en anderzijds anonieme winkelstraten die je geest makkelijk transporteren naar eender welke West-Europese stad; we zouden daar evengoed op de Antwerpse Meir of door het centrum van Hasselt aan het wandelen kunnen zijn.

Om 13u de vorige dag checkten we in bij het Nells Park Hotel, ongeveer twee en een halve kilometer ten noorden van het historisch centrum van Trier. Omdat we pas om 15u de kamer op mochten, maakten we een verkenningswandeling met behulp van een stadsplannetje dat de receptioniste ons had meegegeven. Een receptioniste wiens Duits ik trouwens maar voor de helft verstond. Gelukkig verkleinde die taalbarrière naarmate de reis vorderde. Het personeel aan het ontbijtbuffet en 's avonds in het restaurant verstond ik zonder problemen, uitgezonderd een enkel woord hier en daar, en zelf kon ik me ook wel verstaanbaar maken.

 
De dikke rode lijnen op het stadsplan vertaalden onze hersenen als te vermijden routes waar het verkeer ons vast uit onze wandelschoenen zou razen. We zochten dus de kleine straatjes op en bereikten via het Friedhof (een groot kerkhof dat we op het plannetje per vergissing als een gewoon park hadden beschouwd), tussen de velden van de plaatselijke voetbalploeg door, tot aan de dominerende Porta Nigra, de stadspoort die in Romeinse tijden toegang gaf tot het ommuurde Trier. We wandelden voorbij de Dom en de Onze-Lieve-Vrouwekerk erlangs, de Constantijnse Basilica met het 18e eeuwse Keurvorstelijk Paleis er tegenaan gebouwd, en de Kaiserthermen. We verlieten het stadscentrum richting de Römer Brücke, door de onverwacht seksueel getinte Karl Marx Strasse, met als uiteindelijk doel een wandeling langs de Moezel stroomafwaarts naar het hotel. Daar genoten we van een paar lekkere Wiener schnitzels, voordat we na een lange dag in slaap vielen.

Hoogtepunt van de tweede dag was het amphitheater, aan de voet van de Petrisberg. Het metalig zingen van zwaarden, de schelle kreten van bloedende strijders, het rauwe brullen van wilde dieren die speciaal werden aangevoerd om 18.000 toeschouwers te entertainen, we konden het ons gemakkelijk voorstellen in de duistere cellen en ondergrondse gangen van dit eeuwenoude bouwwerk. Wat een zalig gevoel moet het zijn om in het midden van dit 360° theater te staan, iedereen om je heen aan te kijken en je stem over hen heen te laten echoën. De ultieme performance.

De beklimming van de Petrisberg beloont ons nu met een uitzicht over de stad, en we herkennen de verschillende gebouwen die we tijdens onze wandeling zijn gepasseerd. De ons omringende natuur, weg van alle drukte van de stad, met geen enkel ander mens in de buurt, trekt ons aan en inspireert ons om de volgende dag voor een uitgebreide natuurwandeling te gaan. Na een versnapering van cappuccino, espresso, wafels en pannenkoeken in Christis - Eis & Kaffee, ideaal gelegen in het straatje tussen de Dom en de Hauptmarkt, kopen we in het toeristenkantoor een boekje met enkele wandelroutes in de nabije omgeving. Na wat zoeken, overwegen, en consulteren van Google Maps, kiezen we het kleine dorpje Olewig, aan de andere kant van de Petrisberg, als uitvalsbasis. We genieten van onze tweede nacht weg van thuis.

Na uit te checken, rijden we naar de kerk in Olewig in de overtuiging daar wel parking te vinden. We verlaten de dorpsstraatjes en trekken het bos in. Na een steile beklimming bekomen we even op een bankje aan de rand van de wijk Mariahof. Hoge, inspiratieloze appartementenblokken die wel een fantastisch uitzicht hebben over de omgeving, bovenop een plateau dat bijna even hoog is als de Petrisberg. We trekken door enkele weilanden naar het Mattheiser Wald, waar we omdraaien richting Kernscheid. Aan een picknicktafel langs een voetbalveldje eten we onze chocolade suikerwafels op, versterking die zeker van pas komt. Kernscheid blijkt nog kleiner dan Olewig, en op de lange weg terug naar de parking komen slechts een drietal auto's de allesomvattende rust en stilte verbreken.

Voldaan en tevreden stappen we in de auto. De GPS leidt ons nog even dwars door het centrum van Trier, een leuk extraatje om nog even afscheid te kunnen nemen van onze eerste citytrip samen. Met nog een heleboel dingen te zien, komen we hier zeker nog een keer terug. Maar nu is het op naar de volgende nieuwe ervaring!



2 opmerkingen:

  1. Mooie foto's en goed verslag. Op naar een nieuwe uitstap! Maar eerst moet Nele aan haar eindwerk werken. 😉

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Bedankt Kaat! En ik probeer mee over haar schrijfschema te waken ;)

      Verwijderen